10% afkoopmogelijkheid pensioen en lijfrente

8 december 2020

Onder bepaalde voorwaarden vanaf 2022 zonder fiscale sancties toegestaan.

De roep om flexibilisering van het pensioen speelt al meerdere decennia een prominente rol. Onlangs is het wetsvoorstel ‘Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen’ aangenomen dat dit mogelijk moet maken.

Flexibilisering pensioen

Begin deze eeuw is in de Pensioenwet opgenomen dat de pensioengerechtigde in de eerste jaren van zijn of haar pensionering een relatief hogere pensioenuitkering kan genieten en de overige jaren van de pensionering een relatief lagere pensioenuitkering. De zogenaamde hoog-laagpensioenuitkering met een verhouding van 100-75%. De lage pensioenuitkering bedraagt niet minder dan 75% van de hoge pensioenuitkering.

Verdere flexibilisering

Dit heeft de discussie om flexibilisering echter niet verstomd. Door gewijzigde maatschappelijke opvattingen bleef de roep om een nog grotere flexibilisering van het pensioen bestaan. Dit alles ingegeven door het feit dat mensen in de beginjaren van hun pensionering nog vitaal en ondernemend zijn om bijv. een reis te maken die zij altijd al hebben willen maken of een camper te kopen om door Europa te reizen. Voor een dergelijk levenspatroon is een hoger bestedingspatroon gewenst dan in de latere levensfase waar mensen steeds meer in en rondom huis blijven.

Wetsvoorstel

De regering heeft dit onderkend en op 17 november 2020 heeft de tweede kamer het wetsvoorstel ‘Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen’ aangenomen. Met dit wetsvoorstel introduceert de regering de mogelijkheid om vanaf 2022 bij aanvang van de pensionering een bedrag ineens te genieten. Voorwaarden voor de regeling zijn de hiernavolgende.

  • Er is sprake van een geoorloofde afkoop van pensioen. De afkoop mag maximaal 10% van de opgebouwde pensioenaanspraken bedragen. Bij kapitaal- en premieovereenkomsten gaat het om maximaal 10% van het kapitaal dat bestemd is voor het ouderdomspensioen.
  • Het resterende deel van 90% moet op reguliere wijze (levenslang) worden uitgekeerd.
  • De afkoop moet plaatsvinden op pensioeningangsdatum of in februari van het kalenderjaar daaropvolgend. De keuze om gebruik te maken van het recht op gedeeltelijke afkoop en het daartoe strekkende verzoek aan de pensioenuitvoerder moet altijd vóór ingang van het ouderdomspensioen plaatsvinden.
  • Er mag niet tegelijk gebruik worden gemaakt van de afkoopmogelijkheid en de hiervoor genoemde ‘hoog-laagconstructie’. Dit houdt in dat als er wordt gekozen voor een hogere pensioenuitkering tijdens de eerste jaren van pensionering, er geen combinatie met de eenmalige uitkering mogelijk is.
  • Na afkoop moet de pensioenuitkering boven de afkoopgrens blijven liggen. De afkoopgrens is voor 2020 vastgesteld op € 497,27 bruto per jaar.
  • Er is toestemming nodig van de partner als gebruikmaking van het recht op een bedrag ineens leidt tot een verlaging van het partnerpensioen. Dit is het geval als de hoogte van het partnerpensioen is afgeleid van de hoogte van het ouderdomspensioen.
  • Pensioenfondsen hoeven bij het berekenen van de hoogte van de eenmalige uitkering geen rekening te houden met positieve of negatieve buffers. De dekkingsgraad wordt voor de afkoopmogelijkheid niet meegewogen.
  • De afkoopmogelijkheid geldt per pensioenuitvoerder. Pensioenuitvoerders zijn verplicht aan de afkoop mee te werken.

Afkoop zonder fiscale sancties, afkoopsom wel belast

In beginsel leidt gehele of gedeeltelijke afkoop van pensioen tot fiscale sancties. Afkoop van pensioen is altijd belast met loonheffingen, maar wordt volgens de hoofdregels ook nog eens belast met 20% revisierente. Als er gedeeltelijk wordt afgekocht is niet alleen het afgekochte gedeelte belast maar wordt ineens de hele aanspraak belast met loonheffing en revisierente. In het wetsvoorstel is opgenomen dat gedeeltelijke afkoop niet leidt tot heffing van revisierente over het afgekochte deel en ook niet tot enige heffing over niet afgekochte deel.

Pensioen in eigen beheer

10% afkoop van pensioen in eigen beheer is ook toegestaan onder dezelfde hiervoor genoemde voorwaarden. Afkoop van een pensioen dat is omgezet in een oudedagsverplichting (ODV) is niet toegestaan. Door de afkoop neemt de fiscale voorziening in eigen beheer af. Niet alleen met de afkoopsom maar ook rekenkundig met een bepaald bedrag. De afkoopsom is fiscaal aftrekbaar maar de rekenkundige afname (vrijval) van de voorziening is fiscaal belast. Per saldo zal voorgaande er toe leiden dat in het jaar van afkoop sprake is van een (extra) aftrekpost in de vennootschapsbelasting.

Zoals hiervoor opgemerkt heeft de hoogte van de dekkingsgraad van het pensioenfonds geen invloed op de vraag of afkoop mogelijk is. Wij verwachten echter dat voor gedeeltelijke afkoop van pensioen in eigen beheer de fiscus zal komen met nadere voorwaarden met betrekking tot de dekkingsgraad in combinatie met andere voorzieningen in de BV. De fiscus zal waarschijnlijk in een vraag en antwoord hierop terugkomen.

10% afkoop van lijfrente ook mogelijk

Ook voor lijfrenten (lijfrenteverzekering, bancaire lijfrente of beleggingslijfrente) gaat een vergelijkbare regeling gelden. Onder bepaalde voorwaarden is afkoop van 10% van de lijfrente mogelijk zonder fiscale sancties. Na afkoop moet de lijfrente nog wel in waarde uitkomen boven de afkoopgrens. De afkoopgrens is voor 2020 vastgesteld op € 4.475. De afkoop moet plaatsvinden op de ingangsdatum van de lijfrente. De ingangsdatum van (de meeste) lijfrenten is de AOW datum. Maar lijfrenten mogen ook later ingaan. Uiterlijk in het 5e jaar na het jaar waarin de AOW gerechtigde leeftijd wordt bereikt mag de lijfrente nog ingaan. Heeft u verschillende lijfrente polissen dan kunt u dus met een juiste planning gedurende een aantal jaren 10% van een lijfrentepolis afkopen. Heeft u meerdere polissen bij één uitvoerder lopen dan kan het noodzakelijk zijn om iedere polis op het moment van ingang van de uitkering onder te brengen bij een andere uitvoerder voordat tot afkoop over gegaan kan worden. Er gelden verder geen beperkingen voor de aanwending van de resterende 90% van de lijfrente. Dat mag bijvoorbeeld via een tijdelijke oudedagslijfrente. De afkoopmogelijkheid geldt ook voor lijfrenten in eigen beheer.

Aandachtspunten

Wij verwachten dat in de praktijk veel gebruik gemaakt zal gaan worden van deze afkoopmogelijkheid. Uiteraard zal per casus bekeken moeten worden of het (forse) bedrag ineens niet leidt tot een eenmalige relatieve hoge belastingdruk of het mislopen van heffingskortingen, inkomensafhankelijke sociale zekerheidsuitkeringen en toeslagen. De belastingdruk kan wellicht nog gedempt worden door de toepassing van middeling over 3 belastingjaren. Voor het mislopen van uitkeringen en toeslagen geldt geen regeling om dat op te vangen.

U mag zelf beslissen waaraan u het afkoopbedrag gaat besteden.

Helaas voor alle mensen die nu al een pensioen- en lijfrente-uitkering ontvangen is het niet mogelijk om met terugwerkende kracht van deze wetgeving gebruik te maken.

Deel dit artikel


Wil jij op de hoogte worden gehouden met interessante updates waar je echt iets aan hebt?
Schrijf je dan hier in.




Alle Nieuws