De vermogenstoets bij toeslagen en andere inkomens- en vermogensafhankelijke regelingen

23 juni 2022

Rijk op papier maar arm voor de regelingen

Personen met een laag inkomen kunnen recht hebben op een aantal toeslagen en andere inkomens- en vermogensafhankelijke regelingen. De meeste mensen weten dat deze regelingen afhankelijk zijn van hun inkomen, maar beseffen niet of te laat dat hun vermogen ook een belangrijke rol speelt bij de vraag of recht bestaat op de regelingen en vissen alsnog achter het net. Een goede vermogensplanning kan er voor zorgen dat u met vermogen toch recht heeft op een toeslag of andere regeling.

Inkomens- en vermogensafhankelijke regeling

We kennen aan toeslagen:

  • De zorgtoeslag;
  • De huurtoeslag;
  • De kinderopvangtoeslag (geen vermogenstoets);
  • Het kindgebonden budget.

Andere regelingen die afhankelijk zijn van inkomen en vermogen zijn bijvoorbeeld:

  • Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Scholing;
  • Draagkrachtberekening (diverse wetten);
  • Bijverdiengrens voor scholieren;
  • Inkomensafhankelijke huurverhoging;
  • Eigen Bijdrage AWBZ/WLZ/WMO bijvoorbeeld bij opname in een verzorgingshuis.

Als u in een jaar een laag inkomen maar wel vermogen heeft (al dan niet uitkomend boven een bepaald maximum) betekent dat dat u toch geen of lagere tegemoetkoming uit deze regelingen krijgt. Daar kunt u iets aan doen, maar wat? Hierna geven wij u antwoord op deze vraag voor de toeslagen en de eigen bijdrage WLZ.

Vermogenstoets

De vermogenstoets betekent dat u over niet te veel vermogen mag beschikken om voor de toeslagen in aanmerking te komen. Alleen de kinderopvangtoeslag kent geen vermogenstoets, de andere toeslagen wel. Voor de huurtoeslag mag u in 2022 over € 31.747 aan vermogen beschikken. Heeft u een partner, dan is dit € 63.494. Voor de zorgtoeslag en het kindgebonden budget ligt voor beide toeslagen de grens hoger. Zonder partner ligt deze op € 120.020, met partner op € 151.757.

Bij andere regelingen, bijvoorbeeld bij de eigen bijdrage WLZ, geldt feitelijk geen vermogenstoets, maar telt het vermogen wel mee om te bepalen waarop u recht heeft of welke eigen bijdrage u bent verschuldigd. Over het vermogen wordt in dat geval een inkomensbijtelling berekend van 4%. Dit heet een ‘vermogensinkomensbijtelling’. Hoe hoger uw vermogen is hoe hoger de inkomensbijtelling.

Welk vermogen telt er mee?

Het vermogen dat meetelt voor de vermogenstoets en inkomensbijtelling is ongeveer hetzelfde als het vermogen dat u moet opgeven in box 3. Spaargeld en beleggingen dus wel, maar bijv. uw auto en de eigen woning weer niet. Een uitzondering geldt voor groene beleggingen. Deze tellen niet mee voor box 3, maar wel voor de vermogenstoets en inkomensbijtelling. Verder zijn er nog enkele specifieke uitzonderingen, zoals smartengeld. U moet dan wel verzoeken deze gelden buiten de vermogenstoets te houden.

Gelijke monniken, geen gelijke kappen 

Het feit dat alleen box 3 vermogen meetelt, kan tot verschillende uitkomsten leiden bij personen met hetzelfde inkomen en vermogen. Zo heeft de persoon met alleen AOW en een eigen woning met een WOZ waarde van € 300.000 wel recht op zorgtoeslag, maar de persoon die een straat verder woont in een huurhuis met hetzelfde vermogen op de bankrekening geen recht op zorgtoeslag.

Is er iets te doen aan een te hoog vermogen in box 3?

U kunt het vermogen in box 3 op verschillende manieren drukken. Door ervoor te zorgen dat u minder toets vermogen heeft, beperkt u de gevolgen van een te hoog toets vermogen. Tot zover de open deur. Maar hoe doet u dat? Hierna volgen eerst een aantal maatregelen die u dit jaar kunt treffen om er voor te zorgen dat u op 1 januari 2023 minder box 3 vermogen heeft. Vervolgens sluiten wij af met een paar tips wat u zeker NIET moet doen omdat u anders uw box 3 vermogen juist daarmee gaat verhogen.

WEL doen:

  • Doe grote uitgaven voor 1 januari;
  • Los (extra) af op uw hypotheek eigen woning;
  • Extra premies storten in spaarverzekeringen voor de eigen woning;
  • Betaal belastingaanslagen (m.u.v. aanslagen erfbelasting);
  • Los kleine consumptieve leningen af;
  • Betaal zo veel als mogelijk premies van verzekeringen vooruit;
  • Doe een schenking (op papier);
  • Stort geld in een (bancaire) lijfrente of pensioen;
  • Koop een eigen woning;
  • Verkoop uw woning na 1 januari;
  • Maak defiscalisering van overbedelingsschulden ongedaan of los deze schulden af;
  • Breng spaargeld onder in Spaar-BV of Open Fonds voor Gemene Rekening.

NIET doen

  • Verkoop van de eigen woning aan de kinderen met recht op bewoning;
  • Vermogen overdragen aan studerende kinderen waardoor deze kinderen boven het toegestane vermogen komen. Tip: een studieschuld mag in mindering worden gebracht op het box 3-vermogen;
  • Dividend uitkeren uit de (spaar-) BV al dan niet voor aflossing van box 3 schulden.

De toetsdatum is 1 januari, dus komt u in 2023 in aanmerking voor toeslagen, zorg dan dat u tijdig handelt.

Extra optie voor ondernemers

Ondernemers hebben soms ook de mogelijkheid om geld vanuit privé over te brengen naar hun onderneming. Heeft u een onderneming in de inkomstenbelasting, dan zijn de mogelijkheden wat beperkter dan wanneer u een BV heeft. In de inkomstenbelasting moet u namelijk overtollige liquiditeiten privé houden. Het is afhankelijk van uw situatie wat we onder ‘overtollig’ moeten verstaan. Zo mag u onder andere reserves aanhouden voor uw oude dag en voor investeringen. Bij twijfel zult u aannemelijk moeten kunnen maken dat de middelen niet overtollig zijn. In de BV heeft u dit probleem niet. Al uw vermogen in de BV telt niet mee voor de vermogenstoets.

Wat scheelt dat nu

Afhankelijk van uw situatie kan het behoorlijk lucratief zijn onder de vermogensgrens te blijven. Heeft u bijv. twee kinderen en een gezamenlijk inkomen van € 35.000, dan heeft u dit jaar in totaal recht op € 3.144 aan zorgtoeslag en kindgebonden budget. Schiet uw vermogen echter over de grens heen, dan krijgt u niets.

Deel dit artikel


Wil jij op de hoogte worden gehouden met interessante updates waar je echt iets aan hebt?
Schrijf je dan hier in.




Alle Nieuws