Loonstrook 2020

13 januari 2020

Wat hoort er wel en niet op te staan?

De Belastingdienst heeft een lijst met gegevens bekend gemaakt die op de loonstroken en de jaaropgaaf van werknemers moeten staan. U mag er meer op vermelden maar let dan goed op dat u niet in strijd handelt met de wet, bijvoorbeeld met de Wet op de privacy.

Één loonstrook verplicht

Werknemers hebben bij hun eerste loonbetaling altijd recht op een specificatie: de zogenoemde loonstrook. Daarna hoeven hun werkgevers in principe geen loonstrookjes meer uit te delen, tenzij er iets verandert in het loon van de werknemer. In de praktijk krijgen de meeste werknemers daarom elk loontijdvak een specificatie van hun loon.

Wat hoort er op de loonstrook?

De volgende gegevens moeten op de loonstrook:

  • het brutoloon in geld;
  • de gespecificeerde samenstelling van het bruto- of het nettoloon;
  • de gespecificeerde bedragen die de werkgever op het loon heeft ingehouden of ermee heeft verrekend;
  • de wettelijke minimumvakantiebijslag waar de werknemer recht op heeft;
  • het aantal uren dat de werknemer werkt op basis van de arbeidsovereenkomst;
  • het loontijdvak;
  • het wettelijk minimumloon dat voor de werknemer geldt;
  • de naam van de organisatie en de naam van de werknemer;
  • als de loonstrook ook als jaaropgaaf geldt: de verplichte gegevens van de jaaropgaaf.

Veranderingen per 1 januari 2020

Vast of tijdelijk contract

De Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) schrijft voor dat per 1 januari 2020 ook op de loonstrook staat of de werknemer een vast contract heeft of dat er juist sprake is van een flexibel contract. Die informatie is nodig, omdat de werknemer via de loonstrook zijn werkgever kan controleren. Als de werkgever te weinig WW-premie afdraagt, doordat hij in de loonaangifte een vast contract heeft doorgegeven, maar op de loonstrook aan de werknemer een tijdelijk contract heeft vermeld, kan er (opzettelijk) verkeerde informatie verstrekt zijn. Er is dan sprake van valsheid in geschrifte waarvoor de werkgever strafrechtelijk kan worden vervolgd.

BSN werknemer

Het vermelden van het BSN (Burgerservicenummer) van de werknemer op de loonstrook is niet verplicht. Door het BSN niet te vermelden, is er minder risico op identiteitsfraude bij het versturen van de loonstrook. De Belastingdienst geeft daarmee duiding aan de stelling van de Autoriteit Persoonsgegevens dat het BSN is bedoeld voor communicatie tussen de overheid en de burger. De loonstrook is immers communicatie tussen de burger en een organisatie. Het is nog wel verplicht om het BSN te vermelden op de jaaropgave, die is immers bestemd voor communicatie tussen de overheid en de Belastingdienst (een overheid). Nu het vermelden van het BSN op de loonstrook geen wettelijke grondslag (meer) heeft, wordt aangeraden om het BSN niet langer te vermelden. Zo ontstaat er minder risico op fraude met het BSN.

Mag de loonstrook ook digitaal?

Een werkgever mag de loonstroken van een werknemer alleen digitaal verstrekken als hij daarvoor de expliciete toestemming heeft van de werknemer. Zonder die toestemming kan hij bijna niet anders dan op papier aan de werknemers uitdelen. Overigens moeten digitale loonstroken ook goed beveiligd worden. Ze zomaar per e-mail verzenden is dan ook geen goed idee. Wel kan de werkgever gebruikmaken van een online portaal of van goed beveiligde e-mailberichten. Hoe dan ook moet de werknemer de loonstrook kunnen opslaan zodat hij hem later nog kan inzien.

Deel dit artikel


Wil jij op de hoogte worden gehouden met interessante updates waar je echt iets aan hebt?
Schrijf je dan hier in.




Alle Nieuws