Onbeperkte navordering van erfbelasting door Hoge Raad beperkt

13 maart 2017

Onbeperkte navorderingstermijn voor buitenlands vermogen überhaupt houdbaar?

Op 3 maart jl. heeft de Hoge Raad de Belastingdienst een tik op de vingers gegeven. Een navordering van erfbelasting onbeperkt terug in de tijd, zoals de belastingdienst graag wil, is in strijd met Europees Recht.

 Voorgeschiedenis

Vóór 2012 was de navorderingstermijn van erfbelasting over buitenlands vermogen beperkt tot maximaal 12 jaar. Sinds 2012 is in de wet geregeld dat de bevoegdheid voor de belastingdienst, om erfbelasting over buitenlands vermogen alsnog te belasten, niet meer verjaart. Dat betekent dat erfbelasting die op 1 januari 2012 nog navorderbaar was vanaf 2012 oneindig in de tijd kan worden nagevorderd. Maar dat betekent niet dat erfbelasting die al wél verjaard was op 1 januari 2012, vanaf dat moment ook tot in de eeuwigheid terug alsnog kan worden belast, zoals de belastingdienst beweerde.

 Geen onbeperkte terugwerkende kracht

De Hoge Raad heeft op 3 maart jl. een streep gezet door dit ‘inhalige’-standpunt van de belastingdienst. Dat betekent dat erfbelasting over erfenissen vóór 1999 definitief niet meer kan worden nagevorderd door de fiscus, ook als in de erfenis ‘verzwegen’’ buitenlands vermogen is meegenomen.

 Langere navorderingstermijn dan 12 jaar voor buitenlands vermogen überhaupt houdbaar?

De wetgever heeft voor de navorderingstermijn bij erfbelasting een onderscheid gemaakt tussen Nederlands vermogen en buitenlands vermogen. Onder de wetgeving van vóór 2012 bedroeg het verschil in navorderingstermijn 7 jaar. Voor Nederlands vermogen gold een navorderingstermijn van 5 jaar, voor buitenlands vermogen gold een navorderingstermijn van 12 jaar. Het Europese Hof van Justitie heeft beslist dat een rechtvaardiging voor dit onderscheid in tijd te vinden is in de informatieachterstand en het moeilijker verkrijgen van informatie bij buitenlands vermogen.

De vraag is of het grote onderscheid in de navorderingstermijn na 2012, van 5 jaar bij Nederlands vermogen en de onbeperkte termijn bij buitenlands vermogen, überhaupt wel houdbaar is. Het is moeilijk voorstelbaar dat navordering over buitenlands vermogen tot in het einde der tijden mogelijk blijft. Op zich is een verschil in termijnen van 7 jaar dus wel te rechtvaardigen in verband met de informatieachterstand van de belastingdienst bij buitenlands vermogen en het moeilijker verkrijgen van informatie bij buitenlands vermogen. Maar een verschil van 7 jaar en van onbeperkt in jaren is wel van een heel andere orde. Zodra bovendien tussen alle OECD-landen automatisch informatie wordt uitgewisseld, is het maar de vraag of er nog wel een rechtvaardiging bestaat.

Of dat verschil ook onbeperkt in de tijd is toegestaan is dus uiterst twijfelachtig. Het zou daarom kunnen dat de rechter uiteindelijk een grens trekt door toch een bepaalde termijn te stellen (naar verwachting dan 12 jaar) of dat de wettelijke bepaling onverbindend is, dus zeg maar de wettelijke bepaling vervalt, wat tot gevolg heeft dat ‘teruggevallen’ wordt op de reguliere (binnenlandse) termijn van navordering van erfbelasting en die is vijf jaar.

De vraag waar die grens ligt (al dan niet in een concreet geval), dan wel de wet onverbindend is, is een vraag die nog beantwoord moet worden door de rechter.

Deel dit artikel


Wil jij op de hoogte worden gehouden met interessante updates waar je echt iets aan hebt?
Schrijf je dan hier in.




Alle Nieuws