Roodstaan bij de B.V.

9 april 2018

De fiscus beoordeelt rekening-courant van de DGA kritisch.

Uit interne stukken van de Belastingdienst blijkt hoe de Belastingdienst omgaat met een lening of rekening-courantpositie van de DGA bij zijn B.V.

Realiteit

De Belastingdienst kijkt bij de beoordeling van de zakelijkheid van de geldlening naar het volgende elementen:

  • Is er een lening overeenkomst?
  • Wanneer moet de lening uiterlijk worden afgelost en is er een aflossingsschema?
  • Zijn er zekerheden verstrekt (dit is vooral van belang bij langer lopende geldleningen)?
  • Is er sprake van een zakelijke rente?
  • Kan de lening door de DGA worden terugbetaald gezien zijn inkomen en (overige) financiële situatie?

Door het ontbreken van een of meerdere van deze reële elementen van de lening kan een geldlening van de B.V. aan de DGA onzakelijk zijn of worden.

Gevolgen onzakelijke lening

Als de Belastingdienst constateert dat een lening onzakelijk is, dan kan de lening worden aangemerkt als inkomen voor de DGA. Een kwalificatie als dividend of als loon is mogelijk. In beide gevallen is inkomstenbelasting verschuldigd over het bedrag van de onzakelijke lening. Loon wordt tot 52% belast en dividend tegen 25% (met vennootschapsbelasting-voordruk). Ook kan het onzakelijke karakter ingrijpende gevolgen hebben voor pensioen, ODV, stamrecht of lijfrente in eigen beheer. De belastingheffing over de afkoop kan oplopen tot 72%. Dat is dus geen aantrekkelijke manier om geld uit de B.V. te halen.

Voorbeeld

De rechter oordeelde onlangs in een zaak dat het stamrecht was afgekocht omdat de DGA onder niet zakelijke voorwaarden geld had geleend van de B.V. (Rechtbank Noord Holland, 21-02-2018 ECLI:NL:RBNHO:2018:1014). De zaak verliep als volgt. Een man bedingt in september 2011 een goudenhanddrukstamrecht van zijn eigen B.V. ter grootte van € 130.000. In oktober 2011 leent hij een bedrag van € 130.000 van zijn B.V. In de overeenkomst van geldlening is de rente bepaald, een aflossingsschema opgenomen en zekerheid gesteld in de vorm van een positieve/negatieve hypotheekverklaring. De inspecteur stelt dat het goudenhanddrukstamrecht in 2011 is afgekocht.

De rechtbank is van mening dat de lening onzakelijk is omdat er geen reële zekerheden zijn bedongen. Het onderpand was voor 100% belast met een hypotheekrecht ten behoeve van een andere geldverstrekker terwijl de waarde van het pand lager lag dan de hypothecaire schuld. Aan de positieve/negatieve hypotheekverklaring kent het hof dan ook geen waarde toe. Daarnaast heeft de man slechts twee keer aan de maandelijkse rentebetalings- en aflossingsverplichting voldaan. Omdat aan de lening geen reële betekenis toekomt en de man vrijwel direct in privé de beschikking krijgt over het bedrag van de ontslagvergoeding constateert de rechtbank afkoop van het goudenhanddrukstamrecht. De naheffing loonbelasting van € 67.600 was terecht opgelegd volgens de rechter.

Eigen B.V. van de DGA kan niet als zekerheid dienen

De Belastingdienst stelt zich op het standpunt over de eventuele terugbetaling van de geldlening en de terugbetalingscapaciteit dat zij geen genoegen neemt met de stelling of het standpunt dat de lening verstrekkende B.V. over voldoende reserves beschikt. De B.V. kan geen zekerheidsverstrekker zijn voor de terugbetaling van de schuld. De Belastingdienst baseert zich daarbij op uitspraken van rechters over dit onderwerp. Ons lijkt dit standpunt niet houdbaar in situaties waarbij de B.V. vele malen meer winstreserves bezit dan het bedrag van de lening aan de DGA. Daarover zal nog wel een keer geprocedeerd gaan worden verwachten wij.

Positieve/negatieve hypotheekverklaring

Het vestigen van hypotheek op de woning of andere onroerende zaken van de DGA moet via de notaris en daar zijn dus kosten mee gemoeid. Geregeld wordt er om die reden dan maar door de DGA een zogenaamde positieve/negatieve hypotheekverklaring verstrekt. De DGA zegt dan toe de eigen woning of andere privé onroerende zaak niet verder met een recht van hypotheek te zullen bezwaren. Ook krijgt de B.V. de toestemming om het object dat als zekerheid geldt, op eerste verzoek met een hypotheek te belasten. De Belastingdienst hecht vaak weinig waarde aan zo een afspraak in de overeenkomst, omdat het de B.V. weinig zekerheid biedt. Als de DGA in strijd met de afspraken het als zekerheid toegezegde object met een hypotheek belast ten gunste van een derde, zal de DGA alleen uit hoofde van wanprestatie schadeplichtig zijn. De B.V. is haar zekerheid wel kwijt. In sommige gevallen wordt een positieve/negatieve hypotheekverklaring wel geaccepteerd, als onderdeel van een groter geheel aan voorwaarden.

Aflossing(schema)

Bij onvoldoende zekerheid kan de Belastingdienst de eis stellen dat er afgelost moet worden op de lening. Vaak worden met de Belastingdienst afspraken gemaakt en vastgelegd in een zogenaamde vaststellingsovereenkomst. Doel is om de afspraken te maken over het verminderen van de schuld van de DGA aan de B.V. Als men zich vervolgens niet aan deze afspraken houdt, bestaat het risico dat de Belastingdienst zal stellen dat er een dividenduitkering heeft plaatsgevonden ter grootte van het saldo van de lening of een deel van de lening. Daarover is dan 25% inkomstenbelasting verschuldigd.

Zakelijkheid berekende rentepercentage

De hoogte van de in rekening te brengen rente geeft ook een indicatie van de zakelijkheid van de lening. In de documenten wordt opgemerkt dat er een drietal lening categorieën zijn:

  • hypothecaire geldleningen: de rente kan gebaseerd worden op de gepubliceerde hypotheektarieven, bij een goede relatie met de bank is een geringe bijstelling naar beneden toe mogelijk. De marge van de bank bedraagt ongeveer 1,5%. In de rechtspraak is geoordeeld dat de B.V. niet vergeleken moet worden met een financiële instelling, maar met een particuliere belegger. Deze zal minder risico willen lopen en daarom met minder rendement genoegen nemen. Door de rechter is al eens geoordeeld dat het EURIBOR-tarief met een opslag van 1,5% zakelijk is;
  • middellange geldleningen;
  • rekening-courant kredieten.

De hoogte van de rente wordt ook beïnvloed door de volgende factoren:

  • als het risico van de B.V. toeneemt;
  • de geldlening is aflossingsvrij;
  • als er een vast rentetarief wordt afgesproken;
  • als afgesproken wordt de rente aan het eind van de maand, dan wel het eind van het jaar te betalen.

Conclusie

Het is belangrijk om een eventuele discussie met de Belastingdienst voor te zijn, door de administratie ten aanzien van de verstrekte geldlening goed op orde te hebben. Zorg voor een lening overeenkomst en kijk ook naar de gemaakte afspraken. Bedenk ook of een derde ook onder dezelfde voorwaarden de lening had willen verstrekken. Wellicht is de conclusie dat het verstandig is om de leningsvoorwaarden op onderdelen aan te passen. Zeker in de situatie dat de B.V. ook andere verplichtingen aan de DGA heeft zoals lijfrente- of pensioenverplichtingen. U kunt beter niet afwachten tot de Belastingdienst vragen gaat stellen en standpunten gaat innemen, maar zelf het initiatief nemen om een zakelijke overeenkomst op te stellen en deze ook na te leven.

Deel dit artikel


Wil jij op de hoogte worden gehouden met interessante updates waar je echt iets aan hebt?
Schrijf je dan hier in.




Alle Nieuws