Voorkom belaste vrijval stamrecht

18 juni 2021

Of creëer juist een (fictieve) winst om verliesverdamping te voorkomen.

Sinds 2014 kan een ontslagvergoeding niet meer belastingvrij worden ingebracht in een daartoe opgerichte stamrecht-BV. Veel van deze oude ‘gouden handdrukken’ komen nu tot uitkering. Door de vaststelling van de uitkeringen dreigt er mogelijk een ongewilde winst in de BV met belastingheffing tot gevolg. Dreigen verliezen van de BV te gaan  verdampen? Dan is het vaststellen van de uitkeringen juist een mogelijkheid om de verliesverdamping te voorkomen.

Gouden handdruk

In het verleden werd een gouden handdruk bij ontslag, zeker als het een relatief flink bedrag was, nogal eens ingebracht in een ‘eigen’ nieuw opgerichte BV. Het brutobedrag kon zo zonder directe belastingheffing door de ex-werkgever naar de BV worden overgeboekt. Het geld kon op die manier zelfs gebruikt worden voor de start van een eigen onderneming, maar feitelijk was het uiteraard de bedoeling in de toekomst periodieke uitkeringen te genieten uit het kapitaal. Volgens de gebruikelijke contracten die daarvoor werden gesloten moet de gestorte koopsom jaarlijks met rente worden verhoogd en wordt op ingangsdatum uit het opgerente kapitaal een uitkering berekend. Zeg maar een soort pensioenuitkeringen. Deze uitkeringen moeten uiterlijk ingaan in het jaar waarin men de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt.

Stakingslijfrenten

Ondernemers die hun eenmanszaak of aandeel in een VOF inbrengen in een BV hebben de mogelijkheid om voor de stakingswinst en vrijval van de fiscale oudedagsreserve een lijfrente te bedingen bij die BV. De uitkeringen uit het opgerente kapitaal van deze lijfrente moeten uiterlijk ingaan 5 jaar na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.

Winst in de BV bij ingang lijfrente

In het jaar waarin de periodieke uitkeringen uit het stamrecht of de lijfrente ingaan, moet de BV een andere rekenregel toepassen bij de bepaling van de hoogte van de uitkeringen dan bij de berekening van de fiscale waarde voor de vennootschapsbelasting (Vpb). Voor de berekening van de hoogte van de uitkeringen moet u uitgaan van de huidige rentestand en deze is heel laag. Dat levert dus ook een lage periodieke uitkering op. Voor de berekening van de fiscale waarde van deze uitkeringen in de BV moet u echter verplicht uitgaan van 4%. Niet voor de uitkeringen vast te stellen, maar wel voor de voorziening fiscaal te berekenen. Dus de hogere rente leidt niet tot een hogere uitkering. Maar door dat verschil in rente vindt er voor de Vpb wel een vrijval plaats en dat is, in beginsel, fiscaal belaste winst voor de BV.

Voorbeeld:

Zo kan een opgebouwde stamrechtvoorziening van stel € 400.000 een levenslange periodieke uitkering van circa € 20.000 opleveren. De fiscale voorziening voor een uitkering van € 20.000 is dan circa € 260.000, oftewel: een belaste vrijval van € 140.000 waarover direct Vpb moet worden betaald.

Oplossing

Een oplossing is niet eenvoudig te geven. Maar meestal doet men er goed aan om de uitkeringen al eerder in te laten gaan en niet te wachten tot de fiscaal voorgeschreven uiterste datum. Daarmee verkleint u de vrijval. Gedeeltelijk eerder in laten gaan kan ook.

Afkopen

U kunt een gouden handdruk stamrecht in de jaren voor de uiterste ingangsdatum (in delen) afkopen. Vanwege de afkoop vermindert de voorziening met eenzelfde bedrag en heeft u niets te maken met een rekenrente. Het bedrag van de afkoop is wel met inkomstenbelasting belast. Sinds 2014 betaalt u geen revisierente meer. Ook een lijfrente die is bedongen bij inbreng van een onderneming in de BV kunt u afkopen maar over die afkoop is (meestal) wel 20% revisierente verschuldigd.

Afstorten

U kunt het stamrecht op de ingangsdatum geheel onderbrengen in een externe stamrechtverzekering of stamrecht banksparen. Nadeel is dan wel dat de BV het gehele opgebouwde kapitaal moet overboeken naar de professionele externe partij en dat vanwege de huidige lage rentestand, de uitkeringen ook laag zullen zijn. Bij de omzetting in een juist product komt een eventueel restsaldo bij uw overlijden toe aan uw erfgenamen in de vorm van periodieke uitkeringen.

Voorkomen verliesverdamping

In onze nieuwsbrief van 3 juni 2021 hebben wij aandacht besteed aan de verliesverrekening in de vennootschapsbelasting en de mogelijkheden besproken om verliesverdamping in 2021 (verlies 2012) te voorkomen. Het is niet uit te sluiten dat de stamrecht BV in de opbouwfase mogelijk verlies heeft gemaakt als gevolg van die oprenting, het verlies op beleggingen en wellicht het ontbreken van andere inkomsten. Dat verlies kan worden verrekend op de belaste vrijval. Als de vrijval meer bedraagt dan het compensabel verlies is dat meerdere belast met vennootschapsbelasting. Dreigt evenwel het verlies voor 2012 te gaan verdampen dan kunt u overwegen om de uitkeringen uit het stamrecht of de lijfrente in 2021 vast te stellen en ‘verplicht’ winst te nemen. Het eerder vaststellen van de uitkeringen dan uiterlijk op de verplichte ingangsdatum is meestal wel mogelijk. Zolang de winst door de vrijval minder bedraagt dan de nog te compenseren verliezen is de BV geen belasting verschuldigd over de vrijval.

Deel dit artikel


Wil jij op de hoogte worden gehouden met interessante updates waar je echt iets aan hebt?
Schrijf je dan hier in.




Alle Nieuws